top of page

Het rode streepje viltstift op het kussen

  • Foto van schrijver: Ralf Kolleppel
    Ralf Kolleppel
  • 12 aug 2019
  • 4 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 12 aug 2021


ree

Vanuit een ooghoek zie ik het ineens weer. Het rode streepje viltstift op het lichtgrijze vloerkussen. Verder is het nog als nieuw. Voor iemand anders zou het streepje een doorn in het oog zijn. Een reden om het kussen naar de kringloopwinkel te brengen. Maar voor mij is het een bron van vreugde, ontroering en verwondering.

Het was een zaterdagochtend. Onderweg naar de winkel. Aan mijn rechterhand liep mijn neefje. Drie jaar oud. Hij kwam een weekendje logeren bij ‘Ome Raffie’. Links van mij lag een kerkhof. Ik voelde me, als tweeëndertigjarige, meer dan ooit, midden in het leven staan.

Met zijn winkelwagentje liep hij door het poortje van de supermarkt. ‘Dit is onze piratenboot’, zei ik. Er zat ook een vlaggetje aan. Weliswaar geen piratenvlag, maar dat maakte ons verbeeldingsvermogen wel goed. ‘Kijk, daar komt een grote boot’, zei ik toen een supermarktmedewerker met een grote kar langs kwam lopen. Hoe serieus anderen ook bezig waren met hun dagelijkse boodschappen, ik was op dat moment een piraat, opzoek naar schatten. Aààààrchhhh!!

s’Middags in de stad ging het piratenavontuur verder. ‘Aanvalluuhh’, riep hij, toen hij met zijn korte beentjes over het grasveld rende, richting een lange rij kanonnen. ‘Naar de kajonnuuh!’. Later die middag zaten we, op een terrasje, nog wat na te genieten. Ik een kopje thee, mijn neefje een Fristi. Bij de kaasblokjes zat een prikkertje, in de vorm van een zwaard. Dat maakte ons piratenavontuur helemaal compleet. Het schaaltje met blokjes kaas was het goud dat we veroverd hadden.

Voordat ik mijn neefje weer naar huis ging brengen, gingen we bij mij thuis een echte schatkaart maken. Het goud moesten we immers wel goed verstoppen. Dat vond hij een goed idee. Een vel papier, wat stiften, en we konden beginnen. Om het nog wat ‘echter’ te maken, pakte ik een aansteker, brandde er wat randjes vanaf en gaf het papier op sommige plekken en geelbruine gloed. Alsof het lang verborgen had gelegen op een geheime plek, en de tijd zijn sporen had nagelaten. Dat vuur maakte het allemaal nog een stuk spannender voor de kleine piraat. Het enige wat nu nog ontbrak was een rood kruis; de plek waar de schat begraven zou liggen. Toen de grote piraat klaar was met het spelen met vuur, mocht de kleine piraat het kruis tekenen, met een rode viltstift.


We zaten op het balkon. Op de grond had ik een aantal kussens en dekens neergelegd. Ineens zag ik de rode viltstift langs het lichtgrijze kussen gaan, dat ik pas nieuw gekocht had om in mijn woonkamer op de grond te leggen. Shit! Dacht ik, dat krijg ik er nooit meer uit. Maar het ging per ongeluk. Dat wist ik ook. Het is onderdeel van het creatieve proces. Mijn bureau zit bijvoorbeeld vol met inkt- en verfvlekken, net als mijn schildersezel. Toch vond ik het zonde van dat mooie kussen. Uiteindelijk was het tijd om naar huis te gaan. Met de schatkaart in zijn hand liep de kleine piraat samen met mij naar de bus, richting station. Toen hij een hap nam van zijn waterijsje, brak er een groot stuk af, waardoor er iets meer ijs in zijn mond terecht kwam dan hij verwachtte. Terwijl hij zijn mond open hield bewogen zijn kaken van links naar rechts, alsof hij het ijs zo min mogelijk zijn tong en wangen wilde laten raken. Zijn lichaam stond stil. Als bevroren. Te midden van vele stemmen, samengesmolten tot een onverstaanbaar geroezemoes, het oorverdovende geluid van de treinen, en de auto’s, motoren en sirenes op de achtergrond, keek hij me aan, met grote ogen, als glimmende knikkers. Alsof hij wilde zeggen: ‘help ome Raffie’.


Toen ik s’avonds op de rand van mijn bed zat, voelde ik een brok in mijn keel, toen ik terugdacht aan dat moment. Iets in dit eenvoudige moment raakte mij. Misschien ook juist omdát ik het had waargenomen. Omdát ik een kant van het leven had waargenomen, dat alleen een kind je kan laten zien. Zo puur. Een kind dat in ‘gevecht’ is met de uitdagingen die het leven hem voorschotelt. Hoe alledaags en simpel ook, in de ogen van volwassenen. Toch was het kleine ventje even helemaal in de ban van de kou in zijn mond, dat hem zo overviel. Naarmate hij ouder wordt, zullen ook zijn uitdagingen groter worden.

Ik dacht terug aan een moment uit mijn eigen kindertijd. Zittend tegen de muur van een warenhuis, in een drukke winkelstraat, midden in de stad. Samen met mijn moeder. In onze handen hadden we een hoorntje met schepijs. Aardbeiensmaak. Niet wetende wat het leven nog allemaal voor mij in petto had. Welke zware stormen ik nog zou moeten trotseren. Ik realiseerde me dat ook mijn neefje, dat lieve kleine ventje dat hier nu met zijn waterijsje stond, nog een hoop uitdagingen zal tegenkomen in zijn leven, dat nog maar pas begonnen was. Dat was wat mij raakte. De golven en stormen zullen er altijd zijn in het leven. De kunst is om de zeilen te hijsen en ze tegemoet te varen. Vol vertrouwen en hoop, maar bewust van je eigen kwetsbaarheid.


Telkens wanneer ik dat rode streepje viltstift op het vloerkussen zie, herbeleef ik de momenten die mij zo ontroerde, de momenten die mij zoveel vreugde en verwondering brachten. Het grijze kussen is nu een schatkaart. Met het rode streepje als kruis, dat mij de weg wijst naar een verborgen schat; een herinnering die ik mijn hele leven lang met me mee zal dragen. Om me heen kijk ik of ik nog meer van die verborgen schatten kan vinden. Alles draagt immers een verhaal met zich mee; een bron van verwondering, ontroering en vreugde.

Recente blogposts

Alles weergeven

1 opmerking


anita_caris
12 aug 2019

Het rode streepje... Zo mooi ralf.. Was ff ontroerd... Ook natuurlijk omdat ik jou ken en die kleine boef v ruud... Gr. Anita

Like
  • White Facebook Icon
  • White Instagram Icon

© 2017 by Ralf Kolleppel

bottom of page